Documentatie


Woordenlijst

A

Alfa
Een maatstaf van voor risico gecorrigeerde rendementen, waarbij veeleer wordt gekeken naar het risico van het specifieke effect dan naar de bredere markt. Een positieve alfa geeft aan dat het effect of de strategie beter heeft gepresteerd dan kan worden verwacht op basis van zijn volatiliteit.

Antiverwateringsbijdrage
Kosten die fondsenbeheerders al dan niet kunnen aanrekenen om transactie- of andere kosten te dekken die zij verschuldigd kunnen zijn als ze eenheden in hun fonds kopen of verkopen. De fondsenbeheerder kan ervoor kiezen de bijdragen aan te rekenen aan het fonds zelf of aan de eigenlijke kopers en verkopers van het fonds. Als een fondsbeheerder beslist om de bijdrage aan te rekenen, zal die op het sluitbriefje verschijnen als een aparte, expliciete heffing. Dit wordt ook wel de verwateringsbijdrage genoemd.

Arbitrage
De gezamenlijke aan- en verkoop van activa om te profiteren van een prijsverschil. Dit is een transactie die rendabel kan zijn door prijsverschillen van identieke of gelijkaardige financiële instrumenten op verschillende markten of in verschillende vormen te benutten. Arbitrage bestaat als gevolg van marktinefficiënties; het is een mechanisme om ervoor te zorgen dat prijzen niet gedurende lange periodes substantieel afwijken van hun marktwaarde.

Assetallocatie
Een beleggingsstrategie die er naar streeft risico en rendement op elkaar af te stemmen door de activa van een portefeuille te verdelen op basis van de doelstellingen, risicobereidheid en beleggingshorizon van een persoon.

Aankopen op margebasis
Een actief kopen door een aanbetaling te doen (de marge) en het saldo te financieren met een lening waarbij het actief als onderpand wordt gebruikt (zoals bij een hypotheeklening). Bij effectenhandel is enkel een aanbetaling nodig, omdat de waarde van de effecten zelf (die eigendom blijven van de makelaar of verkoper) volledig als onderpand dient voor het nog niet betaalde bedrag.

B

Basispunt
Een eenheid van een fonds of instelling voor collectieve belegging gelijk aan 1% van 1%, of 1/10.000 van de totale NIW van het fonds.

Benchmark
Een standaard waartegen de prestaties van een effect, beleggingsfonds of beleggingsbeheerder kunnen worden afgemeten. Over het algemeen worden hiervoor aandelen- en obligatie-indexen voor de markt en marktsegmenten met een grote reikwijdte gebruikt. Door een benchmark te tracken, kan een fonds beleggers een rendement op een markt bieden in plaats van op een specifieke onderneming of een specifiek aandeel

Bèta
Een maatstaf voor de volatiliteit, of het systematische risico, van een effect of een portefeuille in vergelijking met de markt als geheel. Bèta wordt gebruikt in het capital asset pricing model (CAPM), een model dat het verwachte rendement van een actief berekent op basis van zijn bèta en verwachte marktrendementen. Passieve producten zoals SPDR-ETF's streven naar een bèta dicht bij één, wat betekent dat zij worden verondersteld zo weinig mogelijk af te wijken van de rendementen van de onderliggende index.

Biedkoers
De prijs die de markt bereid is te betalen voor een effect. De biedkoers van een makelaar zal normaal zijn recentste hoge bod zijn.

Blancoverkoop
Blancoverkoop of shortselling is de verkoop van een effect dat men niet in bezit heeft, waarbij men de intentie heeft later een identiek effect te kopen tegen een lagere prijs vóór de verkoop moet worden afgehandeld. Shortsellers - ook baissiers genoemd - ronden hun verkopen af door geleende effecten te leveren.

D

Dividendrendement
Het jaarlijkse dividend per aandeel gedeeld door de prijs per aandeel, uitgedrukt in procenten.

E

Erkende deelnemer
Een entiteit die een ETF-sponsor heeft uitgekozen om creaties en terugkopen in het fonds te beheren en ook te voorzien in de onderliggende activa die nodig zijn om erin te kunnen beleggen.

ETF
Een beursgenoteerd fonds (Exchange Traded Fund of ETF) is een geheel van effecten dat het rendement van een brede markt of een specifiek segment van die markt (bv. Amerikaanse aandelen, small-capaandelen of opkomende markten) volgt en probeert te vertegenwoordigen. Een ETF is vergelijkbaar met een indexbeleggingsfonds, maar kan de hele dag worden verhandeld zoals een aandeel. ETF's combineren de kenmerken van indexbeleggingsfondsen met individuele effecten. Net zoals indexbeleggingsfondsen bieden ETF's beleggers de mogelijkheid om een vast scala van indexen te volgen. Net zoals individuele aandelen bieden ETF's beleggers de flexibiliteit om de hele dag door op de grootste beurzen te kopen en te verkopen tegen de marktkoers. Net zoals bij aandelen kunnen beleggers stop-lossorders en limietorders instellen op ETF's. Ze kunnen zelfs worden gekocht op margebasis en blanco worden verkocht, afhankelijk van de algemene voorwaarden van uw makelaar.

F

Financiële tussenpersoon
Een entiteit, zoals een private bank, onafhankelijk financieel adviseur of vermogensbeheerder, die financiële zaken beheert uit naam van haar klanten.

Fonds met veranderlijk kapitaal of openeindfonds
Dit is een fonds zonder beperkingen op het aantal aandelen dat het kan uitgeven; deze vorm wordt heel vaak gebruikt door ETF's. Door nieuwe aandelen uit te geven voor nieuwe beleggers verandert de NIW per aandeel van het fonds zo dat ze enkel het rendement van de onderliggende index blijft weergeven. Indien nodig kunnen aandelen ook van de markt worden gehaald.

Fysieke reproductie
Dit is een beleggingsstijl die wordt gehanteerd door de beleggingsbeheerders voor SPDR-ETF's. Om de prestaties van een referentie-index te reproduceren, zullen onze beleggingsbeheerders dezelfde aandelen kopen en dezelfde wegingen voor die aandelen hanteren als de index. Deze benadering betekent dat het fonds in feite direct belegt in de ondernemingen en niet door een blootstelling via derivaten. Door fysieke reproductie te kiezen, vermijdt het fonds het grotere tegenpartijrisico dat inherent is aan derivaatstrategieën.

H

Hedgen
Een bepaalde positie nemen om het risico van potentiële prijsschommelingen in andere beleggingen te verminderen.

I

iNIW
De indicatieve netto-inventariswaarde wordt tijdens de handelsdag van minuut tot minuut berekend en gepubliceerd. De iNIW wordt berekend rekening houdend met de marktprijzen van individuele participaties in een fonds. Deze waarde kan worden gebruikt als een heel actuele indicatie van de waarde van een ETF, om de eigen berekeningen van een belegger te checken en – door de iNIW te vergelijken met bied-laatspreads - om te zien of een ETF correct wordt geprijsd op de markt.

Indexeren
Een methode die beleggingsbeheerders gebruiken om ervoor te zorgen dat hun product een bepaalde index volgt. Dat gebeurt traditioneel door de wegingen van de effecten in het beleggingsinstrument voortdurend aan te passen aan die van de beoogde index.

Intraday
Een andere benaming voor 'binnen dezelfde dag'. De term wordt gebruikt om te verwijzen naar koersen die in de loop van een handelsdag frequent worden bijgewerkt. Dat is meestal het geval voor aandelen, ETF's en indexen, in tegenstelling tot beleggingsfondsen, die slechts een keer per dag worden gewaardeerd, bij sluiting van de handel. Intradayprijsbepaling impliceert normaal dat het product ook liquiditeit heeft gedurende de dag.

ICBE
Acroniem voor Instelling voor Collectieve Belegging in Effecten. Het Engelse acroniem is UCITS, dat ook zijn naam leent aan een Europese richtlijn.

K

Korf of mandje
Erkende ETF-deelnemers verzamelen korven met daarin alle effecten die een specifieke index volgt. Die korven worden vervolgens creatie-eenheden voor een ETF dat die index volgt.

Kapitaalwinst
Dit is het bedrag waarmee een vast actief in waarde stijgt gedurende de periode waarin men het in bezit heeft. De kapitaalwinst wordt niet gerealiseerd zolang het actief niet is verkocht. In de meeste gevallen worden op kapitaalwinsten kapitaalwinstenbelastingen gegeven.

Kapitaalmarktinstrument
Instrument dat de overdracht van kapitaal op de financiële markten mogelijk maakt, zoals een aandeel, een obligatie of een SPDR-ETF.

Kern-satellietbenadering
Dit gaat over de manier waarop beleggers hun activa toewijzen of hoe een leverancier van producten zijn productaanbod structureert. 'Kern' heeft betrekking op de algemenere of mainstreamproducten, terwijl 'satelliet' naar exotischere strategieën verwijst. Beleggers kunnen afwegen welke proportie van hun kapitaal ze aan beide benaderingen willen toegeven. De leverancier moet er dan voor zorgen dat er een balans wordt geboden en dat ze een interessant satellietaanbod krijgen.

L

Liquiditeit
Deze term wordt gebruikt om te beschrijven in welke mate een belegger in staat is een bepaald product om te zetten in cash. Een product met hoge handelsvolumes is makkelijk om te kopen en te verkopen, en is bijgevolg liquide. Liquiditeit is interessant voor beleggers, omdat liquiditeit hun beleggingen makkelijker realiseerbaar maakt, zodat ze snel van strategie kunnen veranderen of cash kunnen genereren.

Laatkoers
De prijs waartegen een verkoper bereid is een bepaald effect te verkopen. De laatkoers van een makelaar zal normaal zijn recentste lage aanbod zijn.

M

Marktprijs
De prijs van een actief zoals die wordt bepaald door de krachten op de markt. Terwijl fondsen met veranderlijk kapitaal doorgaans worden gekocht en verkocht tegen hun netto-inventariswaarde (NIW), kan de marktprijs van een ETF verschillen van zijn NIW. Maar het creatie- en terugkoopproces van een ETF is zo ontworpen dat ETF's gewoonlijk worden verhandeld tegen marktprijzen die dicht bij hun NIW's liggen.

Marktrisico
Marktrisico (of systeemrisico) is de mogelijkheid dat een belegger verliezen ervaart door schommelingen in de prijzen van effecten. Beleggers kunnen zich tegen het marktrisico beschermen door minder risicodragende activa te kopen, die minder onderhevig zijn aan volatiele fluctuaties.

N

NIW
Acroniem voor netto-inventariswaarde. De NIW van een fonds is de waarde van al zijn activa min zijn passiva.

NIW per aandeel
De NIW per aandeel van een fonds is het deel van zijn nettoactiva toegewezen aan elk aandeel van het fonds. Ze vertegenwoordigt de waarde van elk aandeel van het fonds, d.w.z. (activa - passiva) / uitstaande aandelen. ETF's worden verkocht tegen hun marktprijs, die een premie of korting op de NIW kan omvatten. Het creatie- en terugkoopproces is bedoeld om de marktprijs van een ETF terug te brengen tot zijn NIW en een langere periode met premie of korting op de NIW te vermijden.

O

OTC
Een acroniem voor 'over the counter', in het Nederlands 'buiten de beurs'. OTC-transacties, ook buitenbeurstransacties of transacties op de parallelmarkt genoemd, zijn transacties die niet via een beurs verlopen. Deze term geldt gewoonlijk voor derivaten die vaak meer gepersonaliseerd zijn dan andere financiële instrumenten, waardoor ze moeilijker te verhandelen zijn op een beurs.

P

Participaties
Alle verhandelbare activa in een fonds. Deze omvatten alle aandelen, cash en andere financiële instrumenten.

Passief beheer
Passief portefeuillebeheer is een portefeuillebeheerstijl die bij beleggingsfondsen en ETF's hoort, waarbij de portefeuille van een fonds een marktindex dupliceert. Passief beheer is het tegengestelde van actief beheer, waarbij een fondsbeheerder beter probeert te presteren dan de markt.

Primaire markt
Deze term verwijst naar de markt waarin ETF-aandelen worden gecreëerd of direct worden teruggekocht bij de emitterende onderneming. SPDR ETFs betreedt de primaire markt via onze toegelaten deelnemers, die aandelen in de fondsen kunnen creëren en terugkopen.

S

Secundaire markt
Hiermee wordt de markt bedoeld waarop beleggers activa, zoals ETF's, kopen van en verkopen aan andere beleggers en niet direct van de emittent van de activa. Grote beurzen zoals die van Londen of New York zijn secundaire markten.

Spread
Dit is het verschil tussen de biedkoers en de laatkoers van een effect.

T

Tegenpartijrisico
Het risico dat één partij in een bepaalde transactie zijn plichten verzuimt.

Terugkoop
Het proces waarbij aandelen worden teruggegeven aan een fonds in ruil voor cash. Het tegengestelde van een creatie.

TKR
Acroniem voor totale kostenratio. Hiervoor wordt vaak ook de Engelse term TER of Total Expense Ratio gebruikt. De ratio verwijst naar de kosten die een fonds betaalt, zoals de beheer- en bewaarvergoedingen en operationele kosten, zoals transactiekosten en bewaarlonen, uitgedrukt in procenten van de activa van een fonds.

Tracking error
Het rendementsverschil tussen een fonds en zijn benchmark. Bij passief beheer is het de bedoeling dat de tracking error zo klein mogelijk is door de benchmark zo nauwkeurig mogelijk te reproduceren. De term tracking error wordt evengoed gebruikt als het fonds beter heeft gepresteerd dan zijn benchmark.

V

Voor kapitalisatie gewogen index
Een voor kapitalisatie gewogen index is een index waarin de weging van de componenten is afgestemd op de totale marktwaarde van hun uitstaande aandelenkapitaal. Dit wordt ook een voor marktwaarde gewogen index genoemd.

Volume
Dit is de maatstaf voor het aantal aandelen of eenheden van een bepaald effect dat gedurende een bepaalde periode wordt verhandeld. Volume is een nuttige maatstaf voor de liquiditeit van een fonds.

W

Wisselkoersschommelingen
Veranderingen in de waarde van een bepaalde munt tegenover een andere.